De 2e Kamer heeft nu echt gestemd over de Box3-plannenvanaf 2027 (of wordt het 2028?) en er was een meerderheid voor, of althans: alle ingrijpende en afwijkende amendementen kregen geen meerderheid. Dan moet straks de 1e Kamer er natuurlijk ook nog een plasje over doen, maar de komende regering is (ook) voor het plan dus dat zal dan wel goed gaan. Oftewel: we kunnen gaan nadenken over hoe we dat vanaf 2027, 2028 gaan regelen; wat is slim goedkoop?
Of hoeven we dat niet? Want eigenlijk vindt de 2e Kamer het hele plan maar niks en vinden ze daar dus ook dat de nieuwe regering met een beter plan moet komen voor 2028. Goed plan! In de discussiegroepen op mijn vakgebied wordt al tijden gewikt en gewogen over de plannen en met name twee belangrijke zaken daarin: 1) het niet kunnen aftrekken van werkelijk gemaakte kosten en 2) het belasten van nog ongerealiseerde winsten. Bij die twee aspecten kun je principieel een gedachte hebben, politiek ook natuurlijk. Maar het gaat vooral om de juridische houdbaarheid van die twee zaken, met in gedachten waar het allemaal mee begon: het kerstarrest van de Hoge Raad in 2021. Juristen zijn nu al bezig rechtszaken voor te bereiden over met name deze twee punten!
Hoe belangrijk is dit nou eigenlijk, want in de dagbladen e/o op TV zie je over dit punt erg weinig (op internet overigens des te meer). Misschien helpt dit tabelletje van het CBS? Best veel huishoudens hebben met deze problematiek te maken, nu al – maar straks des te meer.
Maand: februari 2026
Aftrek hypotheekrente maximaal 30 jaar
Ik schreef er hier al eens eerder over: in 2001 heeft de overheid besloten dat de fiscale aftrek van hypotheekrente maximaal 30 jaar mag duren en dus is er vanaf 2031 voor iedereen met hypothecaire renteaftrek een probleem: exit aftrekpost. Sinds die tijd lopen veel hypothecaire leningen dan ook 30 jaar, na die 30 jaar is het of aflossen (als al niet gedaan) of opnieuw een lening afsluiten. Heel lang duurt dat niet meer, 2031 is nu nog zes jaar weg.
Nu.nl tikte er ook maar weer eens een alarmerend stukkie over: ‘dat wordt chaos voor miljoenen huishoudens’. Ja, echt? En het grootste probleem? Dat is dat de Belastingdienst de historie van die miljoenen huishoudens met eigen huis en hypothecaire lening sinds 2001 nooit heeft vastgelegd! Of althans: wel vastgelegd natuurlijk (want dat zit in ieders aangifte Inkomstenbelasting), maar niet door de tijd heen bewaard. En dus… kan vanaf 2031 de Belastingdienst niet controleren of de afgetrokken hypothecaire rente nog wel aftrekbaar is.
Je hebt vanaf nu dus nog een kleine vijf jaar om je voor te bereiden op de zich dan ontvouwende en maatschappijontwrichtende fiscale chaos. Noodpakket!
De zakelijk auto en het ‘privégebruik’
Er zijn niet zoveel onderwerpen die vaker besproken worden dan de auto die zowel zakelijk als privé gebruikt wordt. Het is ook ingewikkelde materie omdat er heel veel factoren een rol spelen en als dat het op zich al niet moeilijk maakt: die factoren kunnen gedurende de gebruikstijd van die auto ook nog eens (behoorlijk) veranderen.
En is het allemaal nog niet ingewikkeld genoeg dan gaat de overheid (c.q. de Belastingdienst) ook nog eens een enorm complex aan fiscale regels voor bedenken. Vanaf 2026 zijn die regels wat simpeler geworden voor de niet-elektrische auto’s, maar nog steeds is het een heel gedoe om de elektrische auto is het juist fiscale vakje te krijgen. Voor wie eens was wil doe-het-zelven, hier het overzicht van (bijna) alle regelingen.
Nieuwe regering, dus nieuwe plannen tegen schijnzelfstandigheid
‘We’ zijn er al sinds 2016 (wet DBA) mee bezig (eigenlijk natuurlijk al veel langer): het vaststellen van het verschil tussen een echte zelfstandig ondernemer en een onechte, de ‘schijnzelfstandige’. De echte ondernemer krijgt wat fiscale voordelen + de nodige administratieve en fiscale verplichtingen, de onechte krijgt problemen (of beter: zijn ‘opdrachtgever’ krijgt die). De wet uit 2016 (DBA dus) begon voorspoedig, maar liep al snel vast in de juridische modder en vervolgens in de Coronaperiode. De vorige regering pakte het weer op, maar kreeg de vaart er ook niet in en de nog even zittende regering probeerde het met een nieuwe regeling (de VBAR) die ook al niet op veel enthousiasme en medewerking kon rekenen.
De komende regering heeft weer andere ideeën. Sinds DBA ging de discussie eigenlijk vooral over vorm en inhoud van de overeenkomst tussen opdrachtgever en opdrachtnemer en hoe die overeenkomst stond t.o.v. wat er feitelijk op de werkvloer gebeurde. De komende regering gaat daar ook naar kijken, maar begint te kijken of de opdrachtnemer een echte ondernemer is, of althans: zich zo gedraagt. Is dat niet zo dan houdt de discussie daar al op: geen ondernemerschap. Is dat wel zo, dan wordt gekeken of de werkverhoudingen ook dusdanig zijn dat er sprake er is van een echte ondernemersverhoudingen.
Eigenlijk zijn we daarmee dan dus weer terug voor 2016, toen -wie herinnert het zich nog- bestond er de ‘zelfstandigheidsverklaring’. Dat was ook geen garantie, maar een goed begin. Wie zich verder wat wil inlezen kan ik Higherlevel aanraden. En deze ook.
Het Corona-tijdperk, week 312: ondernemers willen Coronabelasting terug
Er ontstaat enige onrust in ondernemersland, wat is er aan de hand?
De Belastingdienst (en andere overheidsinstellingen en aanverwanten) gaan er steeds vaker toe over om belastingschulden die ondernemers in de Coronaperiode hebben opgebouwd (gedeeltelijk) kwijt te schelden. Dat lijkt dan misschien mooi, sociaal enzo, maar het is ook wel heel erg sneu wrang voor de ondernemers die toen hemel en aarde hebben bewogen om alle belastingen gewoon volledig en op tijd te betalen.
Het is niet alleen wrang, het is vooral ook een stevig stuk concurrentievervalsing en/of op zijn minst een bevestiging van het aloude gezegde: de brutalen hebben de halve wereld. In Nijmegen hebben ondernemers er nu zelfs een advocaat bijgehaald: ze willen hun toen betaalde belastingen terug. Kleine kans dat dat lukt, aldus die advocaat. Maar je weet natuurlijk maar nooit met die rechters tegenwoordig en daar is ook een aloud gezegde voor: nooit geschoten is altijd mis.
‘De’ regeringsplannen
Ja, ‘de’ tussen aanhalingstekens, want we weten allemaal: daar gaat nog wel het een en ander in veranderen. Het is -om een bekend politicus te citeren- een openingsbod. Maar goed, ook een openingsbod is belangrijk om te kennen, dus verwijs ik hier ook naar een opsomming van de inhoud van dat openingsbod. Tenminste, voor zover dat de financieel/fiscale plannen betreft, dat is al ingewikkeld genoeg.
Er zitten een paar potentieel leuke dingen in, maar toch vooral dingen die het leven de komende jaren duurder gaan maken. De meest bizarre daarvan? We gaan dus en ‘vrijheidsbijdrage’ betalen, een extra belasting bedoeld voor het bewaken van onze vrijheid. We is dan wij als burgers, bedrijven gaan daar niet aan meebetalen. Tenminste: niet direct via de winstbelasting, maar wel indirect via een verhoging van de Aof‑premie. De Aof-premie is de premie die werkgevers voor hun personeel betalen voor de arbeidsongeschiktheidsverzekering. Pardon? Wie verzint er zoiets?
Anyway: loop eens door wat je kunt verwachten, streep daar van weg wat toch niet doorgaat (drie keer raden in welk verkiezingsprogramma je daarvoor het beste kunt kijken), pas eventueel je gedrag en je plannen aan en we kunnen weer door met ons leven.





